Het Eindverslag van de ‘presynode’ is in het Nederlands vertaald. Meer dan 300 jongeren uit de hele wereld waren van 19 tot 24 maart in Rome om te spreken over het thema ‘jongeren, het geloof en de onderscheiding van de roeping’.
Na tientallen jaren van krimp ziet kardinaal Wim Eijk iets wat hij lange tijd niet zag: groei. Vooral onder Generatie Z merkt hij een nieuwe belangstelling voor Christus en de Katholieke Kerk. Maar wat trekt juist deze jongeren aan?
KJD-projectleiders Clarianne Haarsma (23) en Maarten Wilmink (25) behoren zelf tot die generatie. In aanloop naar de Katholieke Jongerendag (KJD) op 7 november zien zij hoe jongeren via sociale media met het geloof kennismaken, maar vervolgens juist verdieping zoeken in eeuwenoude tradities, sacramenten en ontmoeting.
Generatie Z is de generatie die opgroeide terwijl internet, sociale media en de smartphone een steeds vanzelfsprekender onderdeel van het dagelijks leven werden. Waar millennials de digitale omwenteling nog bewust meemaakten, groeiden de jongsten van Generatie Z er van jongs af aan mee op.
Kardinaal Eijk wees deze zomer juist op deze generatie toen hij sprak over een voorzichtige kentering binnen de Kerk. Na tientallen jaren van krimp ziet hij jongeren die bewust voor het katholieke geloof kiezen. Daarbij noemde hij niet alleen de rol van sociale media, maar ook de aantrekkingskracht van eucharistische aanbidding en een verzorgde liturgie.
Maarten Wilmink herkent dat beeld. Niet alleen vanuit de Katholieke Jongerendag, maar vooral als voorzitter van de katholieke studenten in Nijmegen, waar hij wekelijks jongeren ontmoet. “Je ziet daar een grote groep leeftijdsgenoten die soms vanuit het niets het geloof weet te vinden. Ze hebben geen gelovige opvoeding gehad en soms ook geen ouders die iets met geloof hebben. Vaak speelt internet een rol, maar soms beginnen mensen zichzelf gewoon vragen te stellen of komen ze iemand tegen die gelovig is.”
“Je hebt nu een generatie die oprecht niet meer weet wat de Kerk nou wel of niet is.”
Een generatie zonder oordeel vooraf
Volgens Maarten is er een belangrijk verschil met eerdere generaties. Veel Nederlanders die enkele decennia geleden opgroeiden, kregen nog iets mee van de weerstand tegen de Kerk die vanaf de jaren zestig en zeventig sterk aanwezig was. Generatie Z staat daar volgens hem vaker onbevangener tegenover. “Je hebt nu een generatie die oprecht niet meer weet wat de Kerk nou wel of niet is. Hun ouders hebben er soms zo weinig mee dat ze er ook niets over hebben meegegeven.”
Die onbekendheid hoeft volgens hem niet alleen een nadeel te zijn. Hij spreekt zelf weleens over een “cultuur van onwetendheid”. Waar een negatief oordeel ontbreekt, ontstaat immers ook ruimte om opnieuw te kijken. “Er is gewoon heel weinig kennis bij mensen die de Kerk niet kennen. Maar juist in zo'n cultuur van onwetendheid is er heel veel ruimte om ermee kennis te maken.”
Maarten Wilmink en Clarianne Haarsma zijn dit jaar KJD-projectleiders. (Foto Maarten: Alicia Karsonopoero. Foto’s KJD: Ramon Mangold)
Wat hem vooral raakt, zijn jongeren die vervolgens helemaal zelfstandig de stap naar binnen zetten. Zelf groeide Maarten gelovig op. Naar de kerk gaan en geloofsmomenten thuis waren vanzelfsprekend en hij heeft dat nooit als opgelegd ervaren. Pas later ging hij zich verder verdiepen. “Ik heb heel veel respect en waardering voor mensen die compleet alleen de weg naar de Kerk weten te vinden. Ik heb zelf de genade gehad dat ik het geloof vanuit huis meekreeg. Dan kom je van binnenuit, maar er zijn ook doopkandidaten bij wie verder niemand in de familie katholiek is. Soms is hun omgeving er zelfs op tegen en doen ze het toch.”
Niet hip maken wat eeuwenoud is
Ook Clarianne Haarsma ziet dat jongeren behoefte hebben aan plekken waar ze anderen ontmoeten die met hun geloof bezig zijn. De Katholieke Jongerendag trok vorig jaar ongeveer zevenhonderd bezoekers. Dit jaar hoopt de organisatie verder te groeien. De doelgroep, jongeren tussen ongeveer 16 en 30 jaar, is volgens haar allesbehalve uniform. “De één is heel actief in zijn eigen parochie, een ander zit meer bij een beweging. De één komt vaker in de kerk dan de ander en weer iemand anders is nog zoekende of heeft veel vragen. Juist die verschillen zijn mooi. Je hoeft niet allemaal op dezelfde plek in je geloof te staan om naar elkaar toe te komen.”
Dat de twee projectleiders met 23 en 25 jaar zelf midden in de doelgroep staan, helpt daarbij. De KJD wordt bewust mét jongeren georganiseerd. “Wij proberen echt te kijken: wat vinden wij leuk, wat vinden mensen om ons heen leuk en wat vinden onze vrienden belangrijk?” vertelt Clarianne. Dat betekent volgens haar nadrukkelijk niet dat de Kerk zich in allerlei bochten moet wringen om jong en hip over te komen.
“Zonder Mis en Avond van Barmhartigheid zouden we een stuk minder bezoekers hebben.”
Juist de combinatie werkt volgens haar. “Er kan moderne muziek klinken en volop ruimte zijn voor gesprekken en vragen, terwijl de Mis en de Avond van Barmhartigheid net zo goed een centrale plaats innemen. Het één hoeft het ander helemaal niet uit te sluiten. Je kunt goed met elkaar in gesprek gaan en daarna samen een traditionele Mis vieren.”
Dat juist die traditionele onderdelen aanslaan, blijkt ook uit reacties na eerdere edities. De Avond van Barmhartigheid wordt dit jaar zelfs ruimer ingepland, omdat jongeren de vorige keer langer bleven dan voorzien. “Het was erg druk met veel bezoekers, ontmoetingen, gesprekken en workshops. Dan is het waardevol om ook een moment van rust en gebed te hebben en God te ontmoeten. We horen echt terug dat juist die onderdelen belangrijk zijn.”
Eeuwenoude antwoorden
Voor Maarten zit juist daarin een belangrijke aantrekkingskracht van de Katholieke Kerk. Wie als buitenstaander binnenkomt, ziet een liturgie vol handelingen en symbolen die aanvankelijk vreemd kunnen zijn. “Je gaat een keer naar de kerk en ziet allemaal dingen. Er komt een priester in een kazuifel en die gaat aan het altaar staan. Wat gebeurt daar dan?”
Wie zich daarin verdiept, ontdekt volgens hem een lange historische lijn. Hij wijst op de wortels van de liturgie in de eerste christengemeenschappen, het Laatste Avondmaal en zelfs elementen uit de Joodse traditie. “Ook het leergezag en de apostolische successie spelen een rol. Als je op zoek bent naar antwoorden, kan het heel bevredigend zijn dat je zo’n directe lijn kunt vinden.”
Dat is een opvallende combinatie bij een generatie die digitaal is opgegroeid. Het eerste contact met het geloof kan juist via een beeldscherm ontstaan. Sociale media zijn volgens Maarten dan ook een vanzelfsprekend evangelisatiemiddel geworden. “Veel informatie komt bij jongeren tegenwoordig via sociale media binnen. Dan is het logisch dat ook geloofszaken op die manier bij mensen terechtkomen.”
Toch waarschuwt hij ervoor sociale media als dé oplossing voor kerkelijke krimp te beschouwen. Online evangelisatie moet volgens hem inhoudelijk sterk zijn en in lijn blijven met wat de Kerk leert. Bovendien kan een filmpje nooit het eindpunt zijn. “Sociale media kunnen geen kerk, kerkdienst of sacramenten vervangen. Ze kunnen iemand wel nieuwsgierig maken en ertoe brengen daadwerkelijk eens een kerk binnen te stappen.”
“Het kan beginnen met een filmpje dat je toevallig voorbij ziet komen.”
Van YouTube naar ontmoeting
Precies die beweging van online naar offline is ook zichtbaar in de keuze voor de hoofdspreker van de KJD. De Amerikaanse franciscaan en priester Casey Cole OFM, bekend van zijn platform ‘Breaking in the Habit’, komt op 7 november naar Ede. Cole gebruikt onder meer YouTube en andere sociale media om over het katholieke geloof te spreken en bereikt daarmee een groot internationaal publiek.
“Ik denk dat hij goed laat zien hoe je met de rol van sociale media op een goede manier met jongeren over geloof kunt praten”, zegt Clarianne. “Je kunt ineens een filmpje van hem tegenkomen. Je hoeft dus niet per se voor het eerst in een kerk met het geloof in aanraking te komen. Het kan beginnen met iets wat toevallig op sociale media voorbijkomt of met een podcast die je luistert.”
Maar ook zij benadrukt dat daarna iets anders nodig is. “De fysieke ontmoeting blijft belangrijk. Het is heel mooi dat hij online veel jongeren bereikt, maar nu komt hij naar Nederland en kan hij echt met jongeren in gesprek.”
Samen één Kerk
Het thema van de Katholieke Jongerendag is dit jaar 'Eenheid'. Ook dat raakt volgens Clarianne aan iets wat onder jongeren leeft. “Niet alleen de samenleving en sociale media kunnen sterk polariserend werken; ook binnen de Kerk worden verschillen soms sterk uitvergroot. We wilden kijken: wat hebben we eigenlijk met elkaar gemeen? Dat betekent niet dat je allemaal hetzelfde hoeft te denken of op dezelfde manier in je geloof hoeft te staan. De Kerk is divers, maar we zijn samen één Kerk.”
De KJD wil jongeren daarom niet alleen een mooie dag bezorgen, maar hen ook stimuleren zelf verantwoordelijkheid te nemen. “We willen niet alleen kijken: hoe krijgen we meer jongeren naar de kerk? Het gaat ook om de vraag wat jongeren die al gaan zelf kunnen bijdragen. Je bent niet alleen bezoeker. Je hoort erbij, je bent echt onderdeel van deze Kerk en kunt zelf je steentje bijdragen.”
Of de groeiende belangstelling werkelijk het begin is van een katholieke revival, vindt Maarten moeilijker te zeggen. Hij is hoopvol, maar plaatst de ontwikkeling nadrukkelijk in een geloofsperspectief. “Wat je nu in ieder geval ziet, is dat de Geest werkt. Die werkt natuurlijk altijd en in alle mensen op zijn eigen manier. Op dit moment zie je veel bekeerlingen. Daar kun je als Kerk aan meewerken, maar uiteindelijk heb je niet alles zelf in de hand.”
Misschien is dat juist een opmerkelijke boodschap voor een generatie die is opgegroeid in een wereld waarin bijna alles binnen een paar tikken op een scherm beschikbaar lijkt. Maarten: “We willen het leven heel maakbaar maken, maar ook de Kerk is niet maakbaar, al proberen we dat soms wel. Wij zijn het niet die harten veranderen, dat is God. Uiteindelijk kun je het niet alleen als mens, je moet het samen met God doen.”